Endemisme |
Endemen in de biogeografie
Soorten lijken soms willekeurig door elkaar voor te komen. Als we de verspreidingen echter nauwkeurig op een kaart zouden intekenen, blijken er patronen te zijn. Er zijn gebieden met opmerkelijk veel en andere met opmerkelijk weinig endemen. Aangezien wijdverspreide soorten blijkbaar weinig moeite hebben barrières te overwinnen, kunnen ze ons niet veel over zulke barrières en hun geschiedenis vertellen. Andersom kunnen endemen dat juist wel. Waar endemen in een bepaald gebied geconcentreerd zitten, kunnen we een gemeenschappelijke historische achtergrond vermoeden (het gebied is bijvoorbeeld lange tijd geïsoleerd geweest). Naarmate een gebied sterker geïsoleerd is (een eiland bijvoorbeeld dat verder van het vasteland afligt) of langer geïsoleerd is, hebben zich meer nieuwe soorten in dat gebied kunnen ontwikkelen, die niet naar elders konden wegtrekken. De mate van endemisme van een gebied is dus tevens een maat van isolatie van dat gebied in tijd of ruimte.
Endemen en natuurbescherming
Dieren met een beperkte verspreiding zijn van groot belang in de natuurbescherming. Immers, een soort kan in Nederland hard achteruit gaan, maar in Midden-Europa nog algemeen voorkomen. Dat is dan jammer voor Nederland, maar niet zo erg voor die soort. Is een soort echter endemisch voor Nederland en gaat hij achteruit, dan bestaat het gevaar dat hij van de aardbodem verdwijnt. Een grotere inspanning van de kant van de natuurbescherming is dan op zijn plaats. Vanuit biologisch oogpunt jammer, maar vanuit natuurbeschermingsoogpunt gelukkig kent Nederland nauwelijks endemische soorten.
We hebben onder andere twee soorten sponzen en tien soorten trilhaarwormen, maar de verwachting is dat ze ook nog elders worden gevonden. Gelukkig, want het is de vraag of wij ze in ons overbevolkte en sterk gecultiveerde land wel in stand zouden kunnen houden.
Historische achtergronden
Het gebrek aan endemen in Nederland komt niet doordat ze hier al uitgeroeid zijn, maar heeft een historische achtergrond. Bijna onze gehele flora en fauna moesten na de ijstijden van elders komen. De 8-10.000 jaar die sindsdien zijn verstreken, zijn te kort geweest om hier aparte soorten te laten ontstaan. Ook de isolatie ontbrak daarvoor. Evenzo heeft het een historische achtergrond als in een gebied endemen geconcentreerd voorkomen. Vooral eilanden staan hierom bekend. Op Sulawesi bijvoorbeeld is bijna de helft van de dagvlindersoorten endemisch. Op Hawaii zijn vrijwel de gehele oorspronkelijke flora en fauna endemisch.